“Je wordt niet geboren met zelfvertrouwen: je leert het”

https://trainingcoachingsquare.be/coaching-mentoring-academy/wp-content/uploads/sites/5/2026/10/Kathleen-bosman-problem-solution.jpg

Waarom twijfelen we zo vaak aan onszelf, zelfs wanneer we zoveel kunnen? En waarom lijkt zelfvertrouwen voor de ene persoon vanzelfsprekend, terwijl een ander zichzelf voortdurend in vraag stelt? ICF PCC Coach en trainer Kathleen Bosman biedt een antwoord.

Vanuit meer dan twintig jaar ervaring ziet ze steeds opnieuw hetzelfde mechanisme: achter heel wat concrete vragen – van carrièrekeuzes tot grenzen stellen en leidinggeven – schuilt een gebrek aan vertrouwen in zichzelf. In de TCS-masterclass ‘Van zelftwijfel naar zelfvertrouwen’ gaat Kathleen niet zozeer op zoek naar ‘meer kunnen’ maar wel naar anders leren kijken naar jezelf.

Kathleen, waar komt jouw interesse in zelfvertrouwen vandaan?

“Ik ben oorspronkelijk linguïst van opleiding. Tijdens mijn Master opleiding Letteren en Wijsbegeerte aan UGent heb ik ook filosofie en psychologie gevolgd. De menselijke natuur en de psyche hebben me altijd enorm geïnteresseerd. Wie zijn wij? Hoe werkt ons brein? Waarom gedragen mensen zich zoals ze zich gedragen?

Die interesse is doorheen mijn hele carrière blijven terugkomen. Ik heb meer dan 20 jaar gewerkt voor internationale bedrijven, o.a. in Sales en Human Resources Management en werd geboeid door menselijk gedrag en het effect ervan. Waarom bereikt de één zijn doel wel en de ander niet? Wat denken mensen op zo’n moment? Wat drijft hen? Welke overtuigingen helpen hen vooruit, en welke houden hen juist tegen? 

Gaandeweg ben ik me steeds meer gaan verdiepen in de vraag hoe je mensen kunt begeleiden om meer vanuit het menselijk potentieel te handelen, en niet vanuit faalangst en de verwachting dat iets toch niet zal lukken.”

Je zegt dat onze mindset daarin een grote rol speelt.

“Absoluut. In gesprekken luister ik vaak naar de onderliggende overtuigingen die mensen over zichzelf uitspreken. De manier waarop mensen zichzelf beschrijven, biedt waardevolle inzichten in hun mentale referentiekaders en ingesleten denkpatronen. En dan hoor je onmiddellijk welke kerngedachten en overtuigingen hen ondersteunen in het realiseren van  hun doelen en welke hen juist belemmeren in hun groei en zelfrealisatie. 

Die observatie pas ik ook toe op mezelf. Ik reflecteer regelmatig bewust over de relatie tussen mijn intenties en mijn acties: wat wil ik bereiken en in welke mate stemt mijn gedrag overeen met het doel dat ik me gesteld heb? Met andere woorden: Als ik niet in actie treed, is daar meestal een reden voor. Is het doel niet belangrijk of zinvol genoeg? Of komt het voort uit een externe verwachting in plaats van een intrinsieke motivatie? Of spelen er andere psychologische factoren een rol? Dergelijke reflectievragen zijn essentieel voor persoonlijke evolutie en gedragsverandering. 

Er bestaan hier veel uitspraken over : ‘Our thinking steers our actions’ en ‘het zit allemaal tussen onze oren’ en tegelijkertijd  onderschatten we vaak hoe sterk onze overtuigingen ons gedrag sturen. Dit komt omdat het overgrote deel van deze processen zich in ons on(der)bewuste brein afspelen. Daarom is zelfreflectie een krachtige methode om ons bewust te worden van de onderliggende of “onbewuste” gedachten die ons gedrag aansturen.”

En zo kom je bij zelfvertrouwen?

“Ja! Zelfvertrouwen is voor mij een bijzonder fascinerend thema omdat het zo sterk verbonden is met hoe we functioneren in de wereld. We proberen ons voortdurend aan te passen aan onze omgeving, terwijl die omgeving zelf ook voortdurend verandert en evolueert. In dat dynamische samenspel speelt  zelfvertrouwen een belangrijke rol om persoonlijke en professionele uitdagingen succesvol aan te pakken. Zeker bij mensen die worstelen met een laag zelfbeeld, een strenge innerlijke criticus of veel zelftwijfel.

Wat me in coaching regelmatig opvalt, is dat mensen vaak beschikken over de nodige kennis, ervaring en competenties en dat ze niet nóg een nieuwe vaardigheid moeten aanleren. Soms weten en kunnen mensen al ontzettend veel. Alleen geloven ze dat zelf niet. De echte uitdaging ligt dan in het herkennen en erkennen van hun eigen waarde en potentieel.” 

Je zegt dus eigenlijk: competentie en zelfvertrouwen zijn niet hetzelfde?

“Precies. Dat is een belangrijk onderscheid. Competentie verwijst naar wat iemand daadwerkelijk kan: de kennis, vaardigheden en ervaring die iemand heeft. Zelfvertrouwen daarentegen gaat over wat je gelooft over jezelf: de overtuigingen die je hebt over je eigen vermogen om succesvol te handelen.”

Wat maakt dat iemand dan toch zo onzeker kan zijn?

“Omdat zelfvertrouwen niet alleen gaat over wat je daadwerkelijk kunt. Je kan bijvoorbeeld heel competent zijn en toch voortdurend twijfelen aan jezelf. Ik ontmoet vaak mensen die over een hoge mate van competentie beschikken en tegelijkertijd sterk aan zichzelf twijfelen. Dat zien we ook vaak bij professionals die uitblinken in hun vakgebied. Hoe meer expertise ze hebben, hoe meer ze beseffen wat er nog allemaal te leren valt in hun vakgebied. Daardoor kunnen ze heel scherp zien wat er allemaal nog ontbreekt, terwijl anderen hen juist als expert beschouwen. 

Dan ontstaat er een interessante  paradox: objectief gezien beschikt iemand over aanzienlijke competenties, maar subjectief ervaart die persoon deze als niet voldoende. Het gevolg is dat zelftwijfel aanwezig kan blijven, ondanks aantoonbare kennis, ervaring en prestaties. Juist daarom is het belangrijk om niet alleen aandacht te besteden aan het ontwikkelen van competenties, maar ook aan de overtuigingen die mensen hebben over hun eigen kunnen en over zichzelf”.

Zelfvertrouwen gaat ook over hoe je je eigen capaciteiten, oordeel en kwaliteiten inschat. Iemand kan zichzelf onderschatten door te denken: ‘Ik weet niet alles over dit vakgebied, dus ik ben waarschijnlijk niet goed genoeg’ terwijl de realiteit kan zijn dat de persoon meer dan voldoende vakkennis bezit om de uitdaging die er ligt, aan te gaan.’ Dat verschil in inschatting is belangrijk.”

Een van jouw centrale ideeën is dat zelfvertrouwen een vaardigheid is. Wat bedoel je daarmee?

“Veel mensen beschouwen zelfvertrouwen als een vast persoonlijkheidskenmerk: iets wat je wel of niet hebt. Maar zelfvertrouwen is geen onveranderlijke eigenschap. Ik zie zelfvertrouwen als een mentale competentie. En zoals met andere competenties kun je die ontwikkelen. Door reflectie, ervaring en oefening kan je het vertrouwen in je eigen kunnen versterken. 

Dat betekent niet dat je van vandaag op morgen nooit meer twijfelt. Integendeel, twijfels en onzekerheid maken deel uit van het menselijk functioneren en zijn vaak een teken dat we ons buiten onze comfortzone begeven of nieuwe uitdagingen aangaan. De kernvraag is dan niet óf er twijfel aanwezig is, maar hoe je ermee omgaat: wat doe je met die twijfel? Laat je je erdoor tegenhouden of ontwikkel je het vermogen om ondanks die onzekerheid in beweging te komen? 

Duurzaam zelfvertrouwen ontstaat niet doordat twijfel afwezig is, maar doordat mensen leren vertrouwen op hun vermogen om met die twijfel om te gaan en toch doelgericht te handelen. Het gaat dus over psychologische veerkracht en zelfeffectiviteit.”

Waar komt die zelftwijfel volgens jou vandaan?

“Zelftwijfel komt zelden uit de lucht vallen. Het is een aangeleerd psychologisch mechanisme dat voortkomt uit een combinatie van persoonlijke ervaringen, sociale invloeden en biologische factoren. Zo kan zelftwijfel haar oorsprong vinden in de jeugd, bijvoorbeeld door overkritische opvoeders of leraren, een overbeschermende omgeving of de ervaring dat prestaties sterk werden benadrukt. Ook sociale ervaringen, zoals pesten, afwijzing of buitengesloten worden, kunnen een negatieve invloed hebben op het vertrouwen in jezelf. Daarnaast spelen mislukkingen en maatschappelijke druk een rol. We vergelijken ons voortdurend met anderen, waardoor het gemakkelijk is om te focussen op wat we nog tekortkomen.

Tegelijkertijd heeft zelftwijfel ook een biologische basis. Onze hersenen zijn in de eerste plaats gericht op overleving, niet op geluk. Vanuit evolutionair oogpunt was het cruciaal om deel uit te maken van een groep. Afwijzing of uitsluiting kon immers leiden tot de dood. Daarom beschikken we over een ingebouwd waarschuwingssysteem dat ons alert maakt voor mogelijke kritiek of afwijzing. Zelftwijfel zegt als het ware: “Wees voorzichtig, straks maak je een fout of word je niet geaccepteerd.”

Het lastige aan zelftwijfel is dat het zichzelf gemakkelijk in stand houdt. Wanneer we aan onszelf twijfelen, gaan we uitdagingen vaker vermijden. Daardoor doen we minder positieve ervaringen op die ons vertrouwen zouden kunnen versterken. Vervolgens lijkt de twijfel bevestigd te worden: ‘Zie je wel, ik kan het niet.’ Zo ontstaat een vicieuze cirkel. In coaching is het daarom belangrijk om mensen te helpen die cirkel te doorbreken. Een eerste stap is het besef dat twijfel een gedachte is en geen feit.”

Hoe ziet dat er in het dagelijkse leven uit?

“Uitstelgedrag kan een uiting van zelftwijfel of tekort aan zelfvertrouwen zijn. Je denkt: ‘Ik kan dit niet, ik ga falen, anderen zullen zien dat ik het niet kan’. En vervolgens stel je de actie uit. Op korte termijn voelt dat misschien veiliger. Je hoeft jezelf immers niet bloot te stellen aan de mogelijkheid om te falen. Maar op lange termijn bevestig je daarmee precies de overtuiging waar je bang voor bent. Uitstellen vergroot de kans op falen: door iets uit te stellen, krijg je minder tijd om de taak te doen en wordt het steeds moeilijker om deze tot een goed einde te brengen.”

Vergelijken met anderen lijkt daarin ook een grote rol te spelen.

“Klopt. Psycholoog Leon Festinger stelde al vast dat mensen hun eigen waarde meten door zich met anderen te vergelijken. Je kan altijd iemand vinden die slimmer, sportiever, creatiever of succesvoller is.Maar dan vergelijk je jezelf met een maatstaf die je eigenlijk onmogelijk kunt winnen. Ik vind het veel interessanter om jezelf met jezelf te vergelijken. Wie was ik vijf of tien jaar geleden? Wat kan ik vandaag dat ik toen nog niet kon? Waar ben ik sterker of bekwamer in geworden? Dat helpt je om de ontwikkeling van je eigen potentieel daadwerkelijk te zien.”

Je spreekt over drie dimensies van zelfvertrouwen. Welke zijn dat?

“We kunnen inderdaad drie elementen onderscheiden in het concept van zelfvertrouwen.
Ten eerste zelfeffectiviteit: het vertrouwen in je eigen kunnen. Kàn ik dit doen? Lukt me dat?
Ten tweede eigenwaarde: het gevoel dat je waardevol bent, los van het feit of je ergens in slaagt of faalt. En ten derde zelfacceptatie. Dat vind ik een heel belangrijke basis. Jezelf accepteren met je sterke én minder sterke kanten.

We hebben allemaal bepaalde talenten en zaken waar we minder goed in zijn. Dat betekent niet dat je minder waard bent. Het is omdat we bepaalde talenten hebben, dat we andere talenten minder of niet hebben. Kunnen we dat accepteren? We zijn mensen, geen alleskunners.”

Dat laatste klinkt eenvoudig, maar blijkt in de praktijk moeilijk. Hoe komt dat?

“Omdat veel mensen proberen alles zelf te kunnen. Terwijl je net meer ruimte creëert wanneer je kunt erkennen: dit kan ik niet zo goed, maar iemand anders kan het wél. Ik ben bijvoorbeeld niet goed in cijfers en wiskunde. Prima. Dan zijn er anderen die daarin uitblinken. Waarom zou ik dat allemaal zelf moeten kunnen?

Je kunt ook zeggen: ‘Ik kan niet wat jij kunt, en daarom heb ik jouw expertise nodig.’ Dat is iets anders dan: ‘Sorry dat ik het moet vragen, want ik kan het zelf niet.’ Ook dat is zelfvertrouwen: weten waar je eigen kracht ligt en anderen de ruimte geven om te schitteren waar zij goed in zijn.”

Wat is volgens jou de grootste misvatting over zelfvertrouwen?

“De grootste misvatting is volgens mij dat je ermee geboren wordt. Alsof de ene persoon nu eenmaal zelfverzekerd is en de andere niet. Ik geloof dat veel van onze overtuigingen en patronen aangeleerd zijn. En dat betekent ook dat we ze opnieuw kunnen bekijken en kunnen aanpassen. Zelfvertrouwen betekent voor mij niet dat je nooit meer twijfelt. Het betekent dat je leert vertrouwen op je capaciteiten, je oordeel en je kwaliteiten om met de uitdagingen van het leven om te gaan. 

En zelftwijfel betekent dat je vaststelt dat je uit je comfortzone gaat en de vraag is dan: stap je terug in je comfortzone en ontneem je jezelf de mogelijkheid om iets nieuws te leren en op ontdekking te gaan of geef je jezelf de kans van ontdekking en groei?”

Je geeft de Masterclass Zelfvertrouwen al ongeveer vijf jaar. Hoe is die ontstaan?

“De masterclass is ontstaan vanuit mijn praktijkervaring als gecertificeerd coach. Ik werk nu ongeveer twintig jaar met mensen rond hun potentieel en doelen. Veel cliënten komen binnen met een specifieke hulpvraag, zoals een carrièreswitch maken, beter grenzen aangeven of effectiever leidinggeven. Tijdens de coaching sessies blijkt heel vaak dat een gebrek aan zelfvertrouwen de werkelijke blokkade is. 

Zodra mensen meer vertrouwen in zichzelf ontwikkelen, vallen de andere puzzelstukjes vaak vanzelf op hun plaats. Dan wordt een carrièrekeuze bijvoorbeeld duidelijker of wordt het eenvoudiger om grenzen te stellen. Ik wil de tools en technieken die ik doorheen de jaren heb verzameld en ontwikkeld, doorgeven aan anderen. 

Als je een cliënt helpt om een specifiek probleem op te lossen, is dat fijn voor dat moment. Maar als je iemands zelfvertrouwen vergroot, geef je diegene een vaardigheid voor de rest van zijn leven. Een cliënt met meer zelfvertrouwen is veerkrachtiger, kan beter omgaan met tegenslagen en blijft ook na het coachingtraject groeien.”

Wat gebeurt er tijdens de masterclass?

“Het is nadrukkelijk geen theoretische les! We werken met verschillende tools en technieken die deelnemers meteen kunnen ervaren en beoefenen. Een techniek wordt kort uitgelegd en vervolgens gaan de deelnemers per twee aan de slag. Ze kiezen zelf iemand bij wie ze zich veilig voelen en testen de techniek uit.

Dat vind ik belangrijk, omdat ze dan niet alleen begrijpen wat een techniek doet, maar het ook onmiddellijk ervaren. Ze merken direct de fysiologische en mentale omslag naar meer zelfvertrouwen van elke methode. Zo kunnen ze na afloop zelf bepalen: dit werkt voor mij, dit wil ik verder gebruiken. En wie coach is/wil worden, kan meteen ervaren hoe hij of zij zo’n techniek later met anderen kan inzetten.”

Wat hoop je dat deelnemers vooral meenemen?

“Het kernelement dat ik wil meegeven aan de deelnemers van de Masterclass is het leren kennen en herkennen van de innerlijke criticus die hun zelfvertrouwen ondermijnt. Veel mensen zijn zich niet bewust van de gedachten die hun zelfvertrouwen beïnvloeden: “Ik ben niet goed genoeg”, “ik mag geen fouten maken”, “anderen zijn beter dan ik”, “ik ben niet zo intelligent als jij”, “ik ben niet goed in X” enz. Het moment waarop mensen ontdekken hoe en wanneer ze zichzelf ondermijnen, en vooral dat ze zich daar voordien niet altijd bewust van waren, vind ik een heel krachtig moment: beseffen dat je niet alleen het probleem bent, maar ook een deel van de oplossing. Een mooie uitspraak hierbij vind ik: ‘I’m the problem, I’m the solution.’

Een coach die werkt rond zelfvertrouwen helpt mensen niet simpelweg om ‘meer in zichzelf te geloven’. De focus in de masterclass ligt vooral in het leren herkennen en erkennen van de kernovertuigingen die mensen over zichzelf hebben en deze te onderzoeken op hun waarheid en te nuanceren, aan te passen of los te laten wanneer nodig.  

De deelnemers krijgen inzicht in de oorzaken van hun onzekerheid en zelftwijfel, krijgen tools en reflectiemethodes die hen in staat stellen hun competenties realistisch te beoordelen. Tevens ontdekken ze welke gedachten ze hanteren over ‘wat ze kunnen en wie ze zijn’ en welke van deze gedachten hen vooruit helpen en welke hen tegenhouden. Vervolgens kunnen zij zelf kiezen en beslissen welke overtuigingen hen dienen en in welke situaties ze deze nodig hebben en welke nieuwe inzichten hen meer zelfvertrouwen geven.  Zelfvertrouwen ontstaat niet doordat alle twijfel verdwijnt, maar doordat mensen ervaren dat ze ook mét twijfel kunnen handelen, leren en groeien. Dat is vaak de kern van coaching rond zelfvertrouwen.”

Wat zou je willen zeggen tegen iemand die dit leest en vaak aan zichzelf twijfelt?

“Eerst zou ik willen zeggen: het doet me pijn aan het hart dat je zo aan jezelf twijfelt. Niet omdat je nooit mag twijfelen. Maar omdat mensen zichzelf soms dingen vertellen die ze nooit tegen een vriend of vriendin zouden zeggen.

En dan zou ik een aantal vragen willen stellen zodat deze persoon een keuze kan maken voor de toekomst:
– Wat doet deze zelftwijfel met jou?
– Hoe graag wil je deze twijfel vasthouden?
– Wat zou je tegen een vriend of vriendin zeggen die zo aan zichzelf twijfelt?

Waarschijnlijk zou je tegen een vriend of vriendin zeggen: “Kijk eens wat je allemaal kunt. Kijk eens wat je al hebt bereikt. Je hoeft niet perfect te zijn”. Zelfvertrouwen is niet de afwezigheid van twijfel. Het is leren vertrouwen op jezelf, mét die twijfel. En de volgende vraag die ik zou stellen, is: ‘Wat zou er veranderen als je jezelf zou behandelen als een vriend?

Meer info over de masterclass vind je op onze website